'Een hilarisch boek, al zeg ik het zelf.'

Kringlid Rudie Kagie belandde afgelopen week in een mediastorm. Aanleiding: de presentatie van het boek De Nieuwezijds. Herinneringen aan een krantenboulevard. In Het Parool, NRC Handelsblad, Telegraaf en de Volkskrant verschenen interviews, allen kranten die ooit aan de Fleetstreet van Amsterdam gevestigd waren. Hieronder doet Kagie verslag van zijn zegetocht.

Het kan de oplettende krantenlezer onmogelijk zijn ontgaan dat op donderdagmiddag 16 juni j.l. onder auspiciën van de tweewekelijkse opiniekrant Argus op het heringerichte deel van de Nieuwezijds Voorburgwal een standbeeld werd onthuld van Argus, sterverslaggever van de Rommeldamse Courant, bekend uit de strips van Olie J. Bommel. Aansluitend begaven de genodigden zich naar het journalistencafé Scheltema waar De Nieuwezijds. Herinneringen aan een krantenboulevard door Paul Arnoldussen en ondergetekende werd gepresenteerd.
Een hilarisch boek, al zeg ik zelf.

De onthulling van het standbeeld van Argus, 16 juni j.l..

Tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw stond de Nieuwezijds bekend als de ‘Fleet Street van Amsterdam’. Op het hoogtepunt hielden hier twaalf dagbladen – De Telegraaf, Algemeen Dagblad, De Tijd, Trouw, Het Parool, maar ook in vergetelheid geraakte titels als de Standaard en het Amsterdamsch Dagblad – en vier weekbladen kantoor. Met daaromheen ondersteunende bedrijven: persbureaus, koeriersdiensten, fotostudio’s, journalistencafés, reclamebureaus, clicheerfabriekjes. Op de Nieuwezijds ging nooit het licht uit: als de dagploeg klaar was, nam de nachtploeg het over.

Bij het optikken van de persgeschiedenis die hier achter de façades werd geschreven, zaten de auteurs regelmatig hikkend van de lach achter hun tekstverwerkers of typemachines. Verslaggevers gingen met elkaar op de vuist, een hoofdredacteur dicteerde zijn secretaresse een erotische thriller, de typograaf die zich ’s morgens met schorre stem telefonisch ziek meldde, werd ontslagen toen een vrouwenstem op de achtergrond informeerde of hij nog een biertje lustte. Op de redactie van De Telegraaf waren de telefoons en schrijfmachines aan de bureaus vastgeschroefd ‘om een eind te maken aan het gooi- en smijtwerk waarmee kwade dronk of driftbui werd bekoeld.’

Presentatie van het boek De Nieuwezijds. Herinneringen aan een krantenboulevard in café Scheltema.

Naast deze kroniek van een krantenboulevard werkte ik het afgelopen anderhalf jaar in mijn vrije tijd met vormgever Marius van Leeuwen aan het drieënhalve kilo zware koffietafelboek 100 jaar De Kring dat in september zal verschijnen. Vooral over de periode jaren ’50 en ’60, toen onze sociëteit een nachtgelegenheid was die ’s avonds om tien uur openging en om vier uur ’s morgens sloot, overlappen verhalen over de Nieuwezijds en het Kleine-Gartmanplantsoen elkaar.

Dezelfde namen, hetzelfde vrijgevochten anarchisme. Als op redacties van ochtendbladen het werk er om twee of drie uur ’s morgens opzat, wilden collega’s voor een afzakkertje nogal eens naar De Kring verkassen. Daar troffen ze de kunstenaars, musici, acteurs en andere performers die ook kwamen uitblazen van gedane arbeid. De journalist Henk Kersting (1905-1993), chef de bureau van Associated Press aan de Nieuwezijds, was van 1958 tot 1973 een van de langst zittende Kring-voorzitters.

Simon Carmiggelt kwam decennialang op de sociëteit het glas heffen, al dan niet in gezelschap van schrijftalenten uit het krantenvak. De notoire dwarsligger Jacques Gans (1907-1972) belde ’s avonds vanuit De Kring met Telegraafhoofdredacteur Co Stokvis met de mededeling: ‘Ik ben een stuk voor u aan het schrijven. Vanaf volgende week ben ik de nieuwe columnist van uw krant.’ Sterinterviewer Willem Wittkampf rolde vechtend met Elsevier-illustrator Eppo Doeve over de Kringvloer.

Tegenwoordig zou je van synergie spreken, of zoals een van de geïnterviewden het in het boek zegt: ‘We gaven ’s avonds op De Kring het geld uit dat we overdag aan de Nieuwezijds verdienden.’
Ook als ik toevallig geen co-auteur van dit boek vol smakelijke herinneringen aan een krantenboulevard was geweest, zou ik de aanschaf dit werkje beleefd aanbevelen. Zeker in combinatie met het over tweeënhalve maand te verschijnen 100 jaar De Kring. Wie een compleetbeeld wil krijgen van een opwindende episode uit de Nederlandse persgeschiedenis die aansloot bij de hoogtijdagen van de Amsterdamse bohème doet er verstandig aan beide publicaties straks naast elkaar te leggen.  

 

Rudie Kagie spreekt tijdens het 3-sociëteiten-diner op 30 juni met Harm Ede Botje over De Nieuwezijds. Herinneringen aan een krantenboulevard. Het diner is inmiddels volgeboekt.

Meer nieuws

Ontdek het Restaurant
Feestje? Huur een zaal